Mastiplan Lc Inj Intramam. 1x20
Op voorschrift
Geneesmiddel

Mastiplan Lc Inj Intramam. 1x20

  € 95,52
Belangrijke informatie

Voor dit geneesmiddel is een voorschrift nodig. Na beoordeling door de apotheker kan je het komen afhalen en betalen.

Niet beschikbaar

Neem contact op met ons via telefoon of e-mail, dan bekijken we samen de mogelijkheden.

Speciale voorzorgsmaatregelen voor veilig gebruik bij de doeldiersoort(en): Het tepeldoekje niet gebruiken bij tepels met open wonden. Het gebruik van het diergeneesmiddel dient plaats te vinden op grond van identificatie en gevoeligheidstesten van de doelpathogenen. Als dit niet mogelijk is, dient de behandeling gebaseerd te zijn op epidemiologische informatie en kennis van de gevoeligheid van de doelpathogenen op bedrijfsniveau of op lokaal/regionaal niveau. Het diergeneesmiddel dient gebruikt te worden in overeenstemming met het officiële, nationale en regionale beleid ten aanzien van antimicrobiële middelen. Een antibioticum met een lager risico op antimicrobiële resistentie selectie (lagere AMEG-categorie) dient gebruikt te worden voor eerstelijnsbehandeling waar gevoeligheidstesten de waarschijnlijke werkzaamheid van deze aanpak suggereren. Het voeren van afvalmelk die residuen van cefapirine bevat aan kalveren dient voorkomen te worden tot het einde van de melk wachttijd (behalve tijdens de colostrumfase), omdat het antibioticaresistente bacteriën in de intestinale microbiota van het kalf kan selecteren en de fecale uitscheiding van deze bacteriën kan verhogen. Wanneer het diergeneesmiddel anders wordt gebruikt dan aangegeven in de SPC kan dit de prevalentie van bacteriën resistent tegen cefapirine verhogen en de effectiviteit van de behandeling verminderen. Speciale voorzorgsmaatregelen te nemen door de persoon die het diergeneesmiddel aan de dieren toedient:

Penicillines en cefalosporinen kunnen overgevoeligheid (allergie) veroorzaken na injectie, inademing, inslikken of huidcontact. Overgevoeligheid voor penicillines kan leiden tot kruisgevoeligheid voor cefalosporinen en vice versa. Allergische reacties op deze stoffen kunnen in sommige gevallen ernstig zijn. Personen met een bekende overgevoeligheid voor cefalosporinen, penicillines of prednisolon moeten contact met het diergeneesmiddel vermijden. Hanteer het diergeneesmiddel met grote voorzichtigheid om blootstelling te vermijden door alle voorzorgsmaatregelen in acht te nemen. Indien zich na blootstelling symptomen ontwikkelen, zoals huiduitslag, dient onmiddellijk een arts te worden geraadpleegd en de bijsluiter of het etiket te worden getoond. Zwelling van het gezicht, lippen of ogen, of zware ademhaling zijn ernstigere symptomen en medisch onderzoek is met spoed vereist. Was de handen na gebruik van de tepeldoekjes en draag beschermende handschoenen bij bekende of verwachte huidirritatie door isopropylalcohol. Dracht en lactatie: Het diergeneesmiddel is bedoeld voor gebruik tijdens de lactatie. Uit laboratoriumonderzoeken bij muizen, ratten, konijnen en hamsters zijn geen gegevens naar voren gekomen die wijzen op teratogene, foetotoxische of maternotoxische effecten. Omdat er geen specifieke studies zijn uitgevoerd bij de doeldiersoort, tijdens de dracht en bij fokdieren uitsluitend gebruiken overeenkomstig de baten/risicobeoordeling door de behandelende dierenarts. Interactie met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie: Gelijktijdig gebruik met bacteriostatische antibiotica kan antagonistische effecten veroorzaken. Gelijktijdig gebruik met parenterale aminoglycosiden of andere nefrotoxische middelen wordt niet aanbevolen. Speciale beperkingen op het gebruik en speciale voorwaarden voor het gebruik: Alleen voor toediening door een dierenarts.

Indicaties voor gebruik

Behandeling van klinische mastitis in lacterende melkkoeien veroorzaakt door Staphylococcus aureus, coagulase negatieve stafylokokken, Streptococcus agalactiae, Streptococcus dysgalactiae, Streptococcus uberis en Escherichia coli gevoelig voor cefapirine.

Per injector van 8 g:
Werkzame bestanddelen:

  • 300 mg cefapirine als cefapirine natrium
  • 20 mg prednisolon

Hulpstoffen:

  • Glycerolmonostearaat
  • Natriumcalciumaluminiumsilicaat
  • Gezuiverde arachideolie

Interactie met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie:

Gelijktijdig gebruik met bacteriostatische antibiotica kan antagonistische effecten veroorzaken.

Gelijktijdig gebruik met parenterale aminoglycosiden of andere nefrotoxische middelen wordt niet aanbevolen.

Rund (lacterende koeien) Zeer zelden (<1 dier/10.000 behandelde dieren, inclusief geïsoleerde meldingen): Overgevoeligheidsreacties Het melden van bijwerkingen is belangrijk. Op deze manier kan de veiligheid van een diergeneesmiddel voortdurend worden bewaakt. Indien u bijwerkingen vaststelt, zelfs wanneer die niet in deze bijsluiter worden vermeld, of u vermoedt dat het geneesmiddel niet heeft gewerkt, neem dan in eerste instantie contact op met uw dierenarts. U kunt bijwerkingen ook melden aan de houder van de vergunning voor het in de handel brengen of de lokale vertegenwoordiger van de houder van de vergunning voor het in de handel brengen met behulp van de contactgegevens aan het einde van deze bijsluiter of via uw nationale meldsysteem.

Niet gebruiken bij overgevoeligheid voor cefalosporinen, andere β-lactam antibiotica of één van de hulpstoffen.

Dracht en lactatie: Het diergeneesmiddel is bedoeld voor gebruik tijdens de lactatie. Uit laboratoriumonderzoeken bij muizen, ratten, konijnen en hamsters zijn geen gegevens naar voren gekomen die wijzen op teratogene, foetotoxische of maternotoxische effecten. Omdat er geen specifieke studies zijn uitgevoerd bij de doeldiersoort, tijdens de dracht en bij fokdieren uitsluitend gebruiken overeenkomstig de baten/risicobeoordeling door de behandelende dierenarts.

  1. Dosering voor elke diersoort, toedieningswijzen en toedieningswegen

Direct na het melken de inhoud van één injector inbrengen in het aangetaste kwartier via het tipelkanaal, met een interval van 12 uur gedurende vier opeenvolgende melkbeurten. De injector dient uitsluitend eenmalig te worden gebruikt voor één tepel.

  1. Aanwijzingen voor een juiste toediening

Vóór het inbrengen dient de uier volledig uitgemolken te zijn. De tepel en tepelopening dienen grondig schoongemaakt en gedesinfecteerd te zijn met de bijgeleverde tepeldoekjes (A). Voorkom contaminatie van de injectorpunt.

Bijsluiter – NL Versie MASTIPLAN LC

Verwijder het bovenste deel van de dop en breng de injector voorzichtig 5 mm in (B) of verwijder de hele dop en breng de volledige injectorpunt (C) voorzichtig in het tepelkanaal in. De volledige inhoud van één injector inbrengen in het kwartier.

Verdeel het diergeneesmiddel door de tepel en de uier van het geïnfecteerde dier zacht te masseren.

CNK 3294535
Organisaties MSD Animal Health
Behoud Kamertemperatuur (15°C - 25°C)