Vetflurane Vloeistof Voor Inhalatie 250ml
Op voorschrift
Geneesmiddel

Vetflurane Vloeistof Voor Inhalatie 250ml

  € 118,27
Belangrijke informatie

Voor dit geneesmiddel is een voorschrift nodig. Na beoordeling door de apotheker kan je het komen afhalen en betalen in de apotheek.

Niet beschikbaar

Neem contact op met ons via telefoon of e-mail, dan bekijken we samen de mogelijkheden.

Speciale waarschuwingen: Het metabolisme van vogels en tot op zekere hoogte van kleine zoogdieren wordt sterk beïnvloed door daling van de lichaamstemperatuur veroorzaakt door het grote oppervlak in relatie tot het lichaamsgewicht. Geneesmiddelenmetabolisme bij reptielen is traag en sterk afhankelijk van de omgevingstemperatuur. De absorptie, distributie en eliminatie van isofluraan verlopen snel en het wordt grotendeels onveranderd geëlimineerd via de longen. Deze eigenschappen maken het diergeneesmiddel geschikt voor groepen van zowel jonge als oude dieren alsmede dieren met een verminderde lever-, nier- of hartfunctiestoornissen. De anesthesieprotocollen dienen echter per geval te worden vastgesteld. Speciale voorzorgsmaatregelen voor veilig gebruik bij de doeldiersoort(en): Isofluraan heeft weinig tot geen pijnstillende eigenschappen. Adequate analgetica dienen altijd voorafgaand aan de operatie te worden toegediend. Voordat de algehele anesthesie wordt beëindigd, moet rekening worden gehouden met de behoeften van het dier m.b.t. de analgesie. Het gebruik van het diergeneesmiddel bij patiënten met hartaandoeningen moet uitsluitend overwogen worden na een risico-batenanalyse door de verantwoordelijke dierenarts. Het is belangrijk om de ademhaling en de hartslag te bewaken. Verder is het belangrijk de ademhalingswegen vrij te houden en weefsels van zuurstof te voorzien gedurende de anesthesie. Bij gebruik van isofluraan bij het anestheseren van een dier met hoofdletsel, dient men te overwegen of kunstmatige beademing nodig is om normale CO2-niveaus in stand te houden, zodat de cerebrale bloedtoevoer niet toeneemt. Isofluraan is een ademhalingsdepressivum, het is dus aanbevolen de frequentie en aard van de ademhaling gedurende de anesthesie in de gaten te houden. Speciale voorzorgsmaatregelen te nemen door de persoon die het diergeneesmiddel aan de dieren toedient: In geval van een bekende overgevoeligheid voor isofluraan, dient de anesthesist niet in contact te komen met dit diergeneesmiddel. Adem de damp niet in. Gebruikers dienen hun nationale overheid te raadplegen voor het inwinnen van advies inzake –richtlijnen bij beroepsmatige blootstelling aan isofluraan. Operatie- en herstelruimten dienen voorzien te zijn van een adequate ventilatie of afvoersystemen om accumulatie van anesthetische dampen te voorkomen. Alle zuiverings-/afvoersystemen dienen goed te worden onderhouden. Zwangere of borstvoeding gevende vrouwen mogen niet in contact komen met dit diergeneesmiddel en dienen operatie- en herstelruimten te mijden. Vermijd het gebruik van narcosemaskers voor langdurige inductie en onderhoud van de algehele anesthesie. Gebruik, wanneer mogelijk, endotracheale intubatie met cuff voor het toedienen van dit diergeneesmiddel tijdens het onderhouden van de algehele anesthesie. Spoel alle spatten van de huid en uit de ogen en vermijd contact met de mond. Bij ernstige accidentele blootstelling moet de toediener worden weggehaald bij de bron en dient onmiddellijk een arts te worden geraadpleegd en de bijsluiter of het etiket te worden getoond. Gehalogeneerde anesthetica kunnen leverbeschadiging veroorzaken. In het geval van isofluraan is dit een idiosyncratische reactie die zeer zelden wordt gezien na herhaaldelijke blootstelling. Advies aan de artsen: Zorg dat de luchtwegen vrijgemaakt worden en geef symptomatische en ondersteunende behandeling. Let op: adrenaline en catecholaminen kunnen hartritmestoornissen veroorzaken. Speciale voorzorgsmaatregelen voor de bescherming van het milieu: Ter bescherming van het milieu is het een goede werkwijze om afvoersystemen met koolstoffilters te gebruiken. Men dient voorzichtig te zijn bij het toedienen van isofluraan, al het eventueel gemorste dient onmiddellijk verwijderd te worden met behulp van een inert en absorberend materiaal bijv. zaagsel. Dracht: Uitsluitend gebruiken overeenkomstig de baten-risicobeoordeling door de behandelende dierenarts. Gebruik van isofluraan tijdens keizersneden bij honden en katten is veilig bevonden. Lactatie: Uitsluitend gebruiken overeenkomstig de baten-risicobeoordeling door de behandelende dierenarts. Interactie met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie: Gelijktijdig inhaleren van lachgas vergroot het effect van isofluraan bij de mens en een vergelijkbare versterkende werking kan verwacht worden bij dieren. Het gelijktijdig gebruik van sedativa of analgetica vermindert mogelijk de vereiste hoeveelheid isofluraan die nodig is om een anesthesie te induceren en te onderhouden. Bij paarden is gemeld dat detomidine en xylazine de MAC-waarde voor isofluraan vermindert. Bij honden is gemeld dat morfine, oxymorphon, acepromazine, medetomidine en midazolam de MAC-waarde voor isofluraan verlagen. Het gelijktijdig toedienen van midazolam/kematine gedurende de isofluraananesthesie kan leiden tot duidelijke cardiovasculaire effecten, in het bijzonder arteriële hypotensie. De remmende effecten van propanolol op myocardiale contractiliteit worden verminderd tijdens isofluraananesthesie, wat op een matige -receptoractiviteit wijst. Er is gemeld dat intraveneuze toediening van midazolam-butorfanol een aantal cardio-respiratoire parameters bij met isofluraan geïnduceerde katten evenals epidurale fentanyl en medetomidine verandert. Van isofluraan is aangetoond dat het de gevoeligheid van het hart voor adrenaline (epinefrine) vermindert. Bij kaketoes is gemeld dat butorfanol de MAC-waarde voor isofluraan verlaagt. Bij duiven is gemeld dat midazolam de MAC-waarde voor isofluraan verlaagt. Voor reptielen en kleine zoogdieren zijn er geen gegevens beschikbaar. Isofluraan heeft een zwakkere sensibiliserende werking op het myocardium voor de effecten van circulerende disritmogene catecholaminen dan halothaan. Isofluraan kan door middel van gedroogde kooldioxide-absorbentia worden afgebroken tot koolmonoxide. Overdosering: Overdosering kan resulteren in ernstige ademhalingsdepressie. De ademhaling dient daarom goed bewaakt en waar nodig ondersteund te worden met zuurstof en/of gecontroleerde beademing. In geval van een ernstige cardio-pulmonale depressie dient de toediening van isofluraan onmiddellijk te worden gestopt. De luchtwegen moeten vrij zijn en er dient te worden overgaan tot een gecontroleerde beademing met zuivere zuurstof. Cardiovasculaire depressie dient behandeld te worden met plasma-expanders, bloeddrukmiddelen, anti-arrhythmica middelen of andere geschikte technieken. Speciale beperkingen op het gebruik en speciale voorwaarden voor het gebruik: Mag alleen worden toegediend door een dierenarts. Belangrijke onverenigbaarheden: Van isofluraan is gemeld dat het interacteert met droge kooldioxide-absorbentia waarbij koolstofmonoxide wordt gevormd. Om het risico van koolstofmonoxide vorming te verminderen in herbeademingscircuits en de mogelijkheid van verhoogde carboxyhemoglobinespiegels tot een minimum te beperken, mag men koolstofdioxide-absorbentia niet laten uitdrogen.

Indicaties voor gebruik

Inductie en onderhoud van de algemene anesthesie.

Per gram:

Werkzaam bestanddeel:

Isofluraan 1000 mg

Heldere, kleurloze vloeistof

Interacties

Zie rubriek "Speciale waarschuwingen".

Inductie

Aangezien het normaal gesproken niet praktisch is om een anesthesie in volwassen paarden te induceren middels isofluraan, dient inductie plaats te vinden door middel van een kortwerkend barbituraat zoals natriumthiopental, ketamine of guiafenesine. Concentraties van 3 tot 5 % isofluraan kunnen worden gebruikt om binnen 5 tot 10 minuten het gewenste anesthesieniveau te bereiken.

Isofluraan in een concentratie van 3 tot 5 % bij een hoge zuurstoftoevoer kan worden gebruikt voor de inductie bij veulens.

Onderhoud

De anesthesie kan worden onderhouden met behulp van 1,5 % tot 2,5 % isofluraan.

Herstel

Ontwaken verloopt meestal snel en rustig.

Paard, hond, kat, siervogel, reptiel, rat, muis, hamster, chinchilla, woestijnrat, cavia en fret:

Zelden (1 tot 10 dieren/10.000 behandelde dieren):

Hartritmestoornissen, bradycardie1

Zeer zelden (< 1 dier/10.000 behandelde dieren, inclusief geïsoleerde meldingen):

Maligne hyperthermie2

Niet vastgestelde frequentie (kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald):

Hypotensie3, hartstilstand4, ademhalingsdepressie3, ademhalingsstilstand5

1Voorbijgaand. 2Bij gevoelige dieren. 3Dosisgerelateerd. 4In het geval van een hartstilstand dient een volledige hart-long reanimatie te worden uitgevoerd. 5Ademhalingsstilstand dient te worden behandeld met ondersteunende beademing.

Het melden van bijwerkingen is belangrijk. Op deze manier kan de veiligheid van een diergeneesmiddel voortdurend worden bewaakt. Indien u bijwerkingen vaststelt, zelfs wanneer die niet in deze bijsluiter worden vermeld, of u vermoedt dat het geneesmiddel niet heeft gewerkt, neem dan in eerste instantie contact op met uw dierenarts. U kunt bijwerkingen ook melden aan de houder van de vergunning voor het in de handel brengen of de lokale vertegenwoordiger van de houder van de vergunning voor het in de handel brengen met behulp van de contactgegevens aan het einde van deze bijsluiter of via uw nationale meldsysteem: adversedrugreactions_vet@fagg-afmps.be

Niet gebruiken bij bekende gevoeligheid voor maligne hyperthermie.

Niet gebruiken bij bekende overgevoeligheid voor isofluraan of andere gehalogeneerde middelen.

Dracht: Uitsluitend gebruiken overeenkomstig de baten-risicobeoordeling door de behandelende dierenarts. Gebruik van isofluraan tijdens keizersneden bij honden en katten is veilig bevonden. Lactatie: Uitsluitend gebruiken overeenkomstig de baten-risicobeoordeling door de behandelende dierenarts.

  1. Dosering voor elke doeldiersoort, toedieningswijzen en toedieningswegen

Het gelijktijdig gebruik van sedativa of analgetica vermindert mogelijk de hoeveelheid isofluraan die nodig om de anesthesie te onderhouden. Zie de rubriek "Speciale waarschuwingen" voor specifieke interacties.

PAARD

De MAC-waarde voor isofluraan bij een paard is ongeveer 1,31 %.

Premedicatie

Isofluraan kan samen met andere diergeneesmiddelen worden gebruikt die gewoonlijk in veterinaire anesthetische protocollen worden gebruikt. De volgende diergeneesmiddelen blijken verenigbaar te zijn met isofluraan: acepromazine, butorphanol, detomidine, diazepam, dobutamine, dopamine, guiafenesine, ketamine, morfine, pethidine, thiamylal, thiopental en xylazine. De voor premedicatie gebruikte diergeneesmiddelen dienen voor de individuele patiënt geselecteerd te worden. De hieronder vermelde mogelijke interacties dienen echter in acht te worden genomen.

Interacties

Zie rubriek "Speciale waarschuwingen".

Inductie

Aangezien het normaal gesproken niet praktisch is om een anesthesie in volwassen paarden te induceren middels isofluraan, dient inductie plaats te vinden door middel van een kortwerkend barbituraat zoals natriumthiopental, ketamine of guiafenesine. Concentraties van 3 tot 5 % isofluraan kunnen worden gebruikt om binnen 5 tot 10 minuten het gewenste anesthesieniveau te bereiken.

Isofluraan in een concentratie van 3 tot 5 % bij een hoge zuurstoftoevoer kan worden gebruikt voor de inductie bij veulens.

Onderhoud

De anesthesie kan worden onderhouden met behulp van 1,5 % tot 2,5 % isofluraan.

Herstel

Ontwaken verloopt meestal snel en rustig.

HOND

De MAC-waarde voor isofluraan bij de hond is ongeveer 1,28 %.

Premedicatie

Isofluraan kan samen met andere diergeneesmiddelen worden gebruikt die gewoonlijk in veterinaire anesthetische protocollen worden gebruikt. De volgende diergeneesmiddelen blijken verenigbaar te zijn met isofluraan: acepromazine, atropine, butorphanol, buprenorphine, bupivacaine, diazepam, dobutamine, ephedrine, epinephrine, glycopyrrolate, ketamine, medetomidine, midazolam, methoxamine, oxymorphone, propofol, thiamylal, thiopental en xylazine. De voor premedicatie gebruikte diergeneesmiddelen dienen per individuele patiënt geselecteerd te worden. De hieronder vermelde mogelijke interacties dienen in acht te worden genomen.

Interacties

Zie rubriek "Speciale waarschuwingen".

Inductie

Inductie is mogelijk door middel van gezichtsmasker met behulp van maximaal 4 % isofluraan, al dan niet met premedicatie.

Onderhoud

De anesthesie kan worden onderhouden met behulp van 1,5 % tot 2,5 % isofluraan.

Herstel

Ontwaken verloopt meestal snel en rustig.

CNK 2876050
Organisaties Virbac
Merken Virbac
Hoeveelheid verpakking 250
Behoud Kamertemperatuur (15°C - 25°C)